skip to Main Content

Masterclass for Judges by Ana Mesto

Masterclass for Judges
door de bekende rasspecialist Ana Mesto, ter gelegenheid van de 2-daagse prestigieuze Int. EURAZIA Show te Moskou
vertaald door Victoria Koster:

Door Evie Dieke

  • Over de topknot: Het is niet noodzakelijk om een overdreven grote topknot te maken. Het is niet prettig voor de hond, het kost ontzettend veel tijd en moeite en het geeft ook niet de juiste uitdrukking van de kop van de hond weer. De vorm van de schedel wordt daardoor niet duidelijk en door het gebruik van de lak wordt het moeilijk de kwaliteit van de tan te beoordelen.
  • Over de nek: belangrijke detail, moet lang zijn, maar niet te lang.
  • Over het lichaam: Die moet iets langer zijn dan in de hoogte.
  • Over de wervelkolom: De wervelkolom moet altijd met spieren bedekt zijn, het is niet goed als je de wervels direct kan voelen met je handen.
  • Over de honden op de “show” foto’s: De hond op de linker foto heeft de goede staart aanzet, het juiste gangwerk en de goede amplitude.
    Een hond, dus ook een Yorkshire Terriër, loopt nooit als een paard. Dus nooit op en neer. Je moet ze bijna zien zweven.
  • Over de vachtkleuren en de vachtstructuur, de belangrijkste thema’s: Een Yorkshire Terriër hoort een gouden kop en poten te hebben met een donkere staalblauwe mantel. Een puppy wordt zwart geboren met kleine tan vlekken. Tot een leeftijd van 2 jaar verandert het zwart naar staalblauw. Bij de geboorte is ook een gedeelte van de (latere) tan nog zwart. Dat verandert eerst naar grijs en dan naar goud. Dus de leeftijd waarop de hond ongeveer ‘klaar’ is, zonder strepen in de tan, dat is rond 2 jaar oud. Vanaf een leeftijd van 2 jaar mogen de zwarte honden nooit met een ‘uitmuntend’ beoordeeld worden. In de mantel mag je geen zwart meer zien. Een eerste defect voor het ras is een onjuiste, wollige textuur.
  • Over de tankleur: De tan is nooit van één ‘toon’, er is een 3 kleuren schakering, maar er zijn ook verschillende kleurtonen. Als de tan maar van 1 kleurtoon is, kan dat erop wijzen dat de hond onnatuurlijk gekleurd is, dus geverfd. De tan, die op de poten vanaf de geboorte wat donkerder is, wordt met de tijd wat lichter. De nagels zijn zwart.
  • Over de mantel: De kleur van de mantel, begint in de nek, met een duidelijke afscheiding van de tan van de kop. Het haar van de mantel moet zijdeachtig aanvoelen en bevat veel metaalachtige Het haar van gewilde kwaliteit voelt koud aan, valt mooi zwaar naar beneden en plakt tegen het lichaam aan wanneer je het haar heel snel borstelt. Als het haar van een slechte kwaliteit zijde is, dan valt het niet mooi tegen het lichaam aan bij het snel borstelen. Echter, dit kan dan ook komen omdat het geverfd is. Een jurylid moet goed letten op de schittering van het haar, dat is niet te imiteren. Als het niet glanst, dan is het geverfd. Natuurlijk zijdeachtig haar moet echt glinsteren en glimmen, dat is echt heel belangrijk en niet te imiteren. Als je hier goed op let, zou je de geverfde hond eruit moeten kunnen pikken.
  • Over de juiste kleurovergang: Belangrijk is dat, als het omlaag hangende haar van de mantel opzij geschoven wordt, dan moet het donkere staalblauwe haar doorlopen tot op de knie / elle boog.
  • Over de leeftijd: Verplicht bij de beoordeling van de York is het vragen naar de leeftijd. Beoordeel een York op basis van leeftijd vanwege de verandering van kleur dat daarmee samenhangt.
  • Over kleurverlies: Rond de leeftijd van 6 jaar begint het kleurverlies van het haar. Maar als je goed kijkt naar de vacht, dan kan je op bepaalde plekken zien of de kleur ooit wel goed was.
  • Over de beoordeling van de modelhond in het filmpje: De modelhond die in het filmpje te zien is, is een reu van de Minishop kennel. Hij heeft hele mooie kleuren, ideaal voor zijn leeftijd. Hij heeft een smalle kop. Het is belangrijk om het voorhoofd en aanzet van de oren te voelen. Hij heeft een sterke toplijn, goede spieren om zijn lijf, deze ‘body’. Dus een beetje gespierd zijn is belangrijk, maar hij mag niet heel rond zijn. Hij heeft een rechte taille, om te meten of hij niet te smal is, wordt tussen de voorpoten gemeten. Daar moeten minimaal 3 vingers tussen passen. Dit mag ook iets meer zijn. Ze let goed op de wervelkolom en het laatste werveltje in de staart. Ze controleert ook de achterpoten op de spieren. Als je die niet goed voelt of afwezig zijn, kan dit wijzen op patella luxatie. Keurmeesters zijn geen dierenartsen, dus ze kunnen het niet zeker weten, maar het is wel iets om in het achterhoofd te houden. Als een keurmeester vermoedt dat een hond geverfd is, zullen ze dat niet zeggen. Ze zullen enkel aangeven dat de hond onjuist kleuren heeft.
  • Over het gebit: Dit moet een schaargebit zijn met alle snijtanden, Het is niet altijd heel belangrijk dat alle premolaren aanwezig zijn. Er wordt beoordeeld vanuit de hond zelf en een perfecte hond fokken is héél moeilijk. Ana Mesto heeft liever een perfecte hond met niet de volle gebit formule, dan anders om.
  • Over de staart: Het fokken van een Yorkshire Terriër met staart is eigenlijk nog heel nieuw omdat de staarten tot voor kort nog gecoupeerd werden. Daarom is dit nog niet altijd heel belangrijk met het beoordelen. De aanzet van de staart moet goed zijn, maar de vorm van de staart is verder niet zo heel belangrijk. Weer geeft deze keurmeester aan dat het belangrijker is om te kijken naar de hond als geheel.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *